Vrijheid,
kunnen gaan en staan waar je wilt,
jezelf kunnen zijn,
je veilig voelen...
hoe gewoon is dat nog?
Kort na het einde van de Tweede Wereldoorlog werd mijn vader 18 jaar. Met zijn leeftijd had hij het geluk te ontkomen aan verplichte tewerkstelling of andere inzet bij oorlogshandelingen. Hij zei dat de oorlog voor hem geen 5 maar 7,5 jaar duurde. Want niet veel later werd hij dienstplichtig voor 2,5 jaar naar Nederlands Indië gestuurd om daar te strijden voor het behoud van 'Ons Indië'. Hij zei: "Ik kon weigeren, maar dan moest ik de gevangenis in..." Mijn vader kon kiezen in de vrijheid van een bevrijd land, maar hij had geen vrijheid om te kiezen.
Vrijheid is iets anders dan vrede. Nederland nam de vrijheid om militairen naar 'de Oost' te sturen. Maar brachten ze vrede en vrijheid voor wie ze bestreden? De vrijheid van de één werd de onvrijheid van de ander.
Vrijheid die we ons permitteren zal altijd ergens, hoe dan ook, stuiten op de vrije ruimte van de ander. We zijn er niet vies van deze binnen te trekken en te koloniseren. Dat doen we met verbaal geweld of met wapens. Oorlog is dan zoals dat heet 'politiek met andere middelen'.
Vrijheid is iets anders dan vrede. Voor vrijheid kun je ongelimiteerd uit je dak gaan. Maar onverantwoorde vrijheid van de één betekent de onvrede van de ander. Tot de ander duidelijk maakt: 'stop!' Voor vrede hebben we elkaar nodig en het besef van grenzen van deze en gene.
Geweld vind ik een teken van onmacht. Indertijd heb ik me laten afkeuren voor de militaire dienst. Woorden zijn makkelijker te repareren dan moorden.
Waar praten niet meer werkt en wapens trauma's en vernietiging brengen worden we snel mataglap. We draaien door. Vrijheid en vrede zijn gediend met zelfbeheersing, ook binnen het recht op vergelding en zelfverdediging. Het Oude Testament zegt: Een oog om een oog, een tand om een tand. En dus niet meer dan dat! Zo kijk ik naar de huidige conflicten en treur waar het vaak anders uitpakt.
Antoine de Haan